Geschiedenis
De energiesector ontwikkelde zich van de vroege systemen met kolen, stoom en gas tot een breed industrieel vakgebied dat nu ook elektriciteitsopwekking, elektrische apparatuur en gedistribueerde levering omvat. Toen de elektrificatie zich in de 19e en 20e eeuw uitbreidde, werden nutsbedrijven, motoren, ketels en besturingssystemen van essentieel belang voor industriële productie, transport en openbare infrastructuur. Later voegden de groei van netwerken, noodstroom en systemen die gericht zijn op efficiëntie nog meer gespecialiseerde machines toe aan de sector.
Toepassingen
Energieapparatuur wordt gebruikt om stroom op te wekken, om te zetten, op te slaan en te distribueren voor industriële en commerciële activiteiten. Typische toepassingen zijn onder meer elektriciteitscentrales, installaties voor warmtekrachtkoppeling, dieselgenerator sets, ketels, stroomonderbrekers, batterijen, laders en energiesupply-systemen. Deze machines ondersteunen een continue werking van de installatie, noodstroom, proceswarmte, elektrische beveiliging en energiebeheer op locatie in de maakindustrie, nutsbedrijven, de bouw en grote faciliteiten.